Gerritje online

Welk nieuws in Capelle aan den IJssel?

Na je 35e loop je bijvoorbeeld meer kans op complicaties tijdens de zwangerschap en vroeggeboorte. Het kan ook dat je sneller vermoeid bent. Misschien maak je het niet mee als er kleinkinderen komen. Aan de andere kant is er niets over te zeggen. Je weet nooit hoe lang iemand leeft en hoeveel je dan nog kunt doen. Kinderen tot en met 11 jaar Kinderen tot en met 11 jaar vallen volledig onder de zeggenschap van de ouders.

Samengevat leidt dit tot de volgende regels: het zijn de ouders die een behandelingsovereenkomst met de behandelaar aangaan en die toestemming moeten geven;het kind moet zoveel mogelijk worden betrokken bij de beslissingen die worden genomen;de ouders dienen te worden geïnformeerd;het kind moet ook worden geïnformeerd, waarbij de informatie op het bevattingsvermogen van het kind moet zijn afgestemd;de ouders hebben het recht het medisch dossier in te zien, de kinderen niet.

Kinderen vanaf 12 tot en met 15 jaar Kinderen vanaf 12 tot en met 15 jaar hebben volgens de wet bij medische behandelingen of onderzoeken een belangrijke eigen stem. Voor deze leeftijdscategorie gelden de volgende regels: behalve de ouders moet ook het kind zelf toestemming geven voor een onderzoek of behandeling;zowel het kind als de ouders hebben er recht op te worden geïnformeerd;het kind heeft recht op inzage in zijn medisch dossier.

Dat kan alleen als: het gaat om een verrichting van ingrijpende aard, énde verrichting kennelijk nodig is om ernstig nadeel voor de jongere te voorkómen. Kinderen vanaf 16 jaar en ouder Kinderen vanaf 16 jaar en ouder worden door de WGBO op één lijn gesteld met volwassenen.

Voor deze leeftijdscategorie gelden de volgende regels: de kinderen kunnen zelfstandig beslissen of zij voor een medisch onderzoek of behandeling toestemming geven;er is geen toestemming van de ouders nodig;de jongeren hebben er recht op volledig te worden geïnformeerd; de ouders worden alleen geïnformeerd als hun kind daarmee akkoord gaat;een jongere heeft het recht om het medisch dossier in te zien; daar is geen toestemming van zijn ouders voor nodig;de ouders mogen het medisch dossier inzien als het kind daar akkoord mee gaat.

Toestemming bij medisch-wetenschappelijk onderzoek De Wet Medisch-Wetenschappelijk Onderzoek met Mensen WMO regelt onder andere het geven van toestemming rondom medisch-wetenschappelijk onderzoek.

Leeftijden Voor deelname van proefpersonen onder de twaalf jaar beslissen de wettelijke vertegenwoordigers; dat zijn de ouders die het gezag over het kind uitoefenen of de voogd. Handtekening De WMO eist schriftelijke toestemming van de ouders die het gezag uitoefenen of van de voogd en, naar gelang de leeftijd, ook van het kind. Terugtrekken Verleende toestemming tijdens een onderzoek kan zonder verdere opgaaf van redenen worden ingetrokken.

Verzet Indien een minderjarige proefpersoon zich bij een onderzoek verzet tegen een handeling waaraan hij wordt onderworpen of tegen een aan hem opgelegde gedragswijze, vindt het onderzoek met die proefpersoon niet plaats. Als ouders niet meer samen zijn Het kan zijn dat u als ouders niet meer samen bent vanwege een aanstaande scheiding of relatieproblemen.

Als beide ouders het gezag over het kind hebben Tenzij door de rechtbank anders is besloten, houden beide ouders na echtscheiding het ouderlijk gezag. Recht op informatie -Beide ouders hebben recht op informatie. Toestemming Voor het slagen van een behandeling is het belangrijk dat de specialist en beide ouders overeenstemming hebben over de behandeling. Als één ouder het gezag heeft De rechter kan bij de echtscheiding het gezag aan één ouder toewijzen.

Indien nodig kan de arts de gezagsverhouding nagaan in het gezagsregister. Wilt u meer informatie? De wet schrijft de volgende regels voor: jijzelf én je ouders hebben recht op informatie;jijzelf én je ouders moeten toestemming geven voor een onderzoek of behandeling;jijzelf én je ouders mogen in je medisch dossier kijken.

Vanaf 16 jaar is de beslissing aan jou: alleen jij hebt recht op informatie;alleen jij beslist of je een behandeling wilt of niet;alleen jij mag je medisch dossier inzien. Ook al is één ouder meer bij je betrokken dan de ander, toch hebben ze dezelfde rechten.

Blijf op de hoogte Blijf op de hoogte van alle ontwikkelingen door u aan te melden voor onze nieuwsbrief. Voor ouders en jongeren jaar jaar jaar. Je denkt misschien dat je geen goede ouder bent of tekort schiet in […].

Wat is een latrelatie? Lat staat voor living apart together, wat in het Nederlands zoveel betekent als ´samen apart wonen´. Het fenomeen lat relatie stamt uit de jaren zestig van de vorige eeuw en is sindsdien alleen maar populairder geworden.

Voorstanders roemen de latrelatie als het beste van twee werelden. In een latrelatie combineer je […]. Jezelf verliezen in een relatie 30 september Chris Roos Geen categorie Jezelf verliezen in een relatie. De ene keer is het […] Lees verder Uit elkaar gaan 14 maart Chris Roos Individuele therapie Uit elkaar gaan… Als je deze zin hardop hebt uitgesproken is het werkelijkheid geworden.

Het valt nauwelijks te snappen dat […] Lees verder Scheiden of blijven? Een scheiding wil je het liefst voorkomen Scheiden […] Lees verder Wanneer hou je van iemand? Houden van kent vele gezichten en […] Lees verder Geen liefde krijgen van partner 3 juni Chris Roos Individuele therapie Het komt regelmatig voor in relaties.

In Capelle aan den IJssel - MEE Rotterdam Rijnmond

In dit artikel leg ik uit hoe het komt dat een van de partners de liefde voor de ander ontzegt en […] Lees verder Eenzaam in een latrelatie. Hoe komt dat? En wat kun je er tegen doen? Toelichting Beleidsregels aanvullende bijzondere bijstand levensonderhoud voor jongeren.

De hoogte van de normen algemene bijstand voor jongeren van 18 tot 21 jaar zijn afgestemd op het feit dat deze groep een beroep kan doen op de ouderlijke onderhoudsplicht. Ouders zijn voor hen verplicht te voorzien in de kosten van levensonderhoud en studie artikel a BW. Er kan echter niet zonder meer van worden uitgegaan dat de jongeren altijd voor hun bestaanskosten volledig een beroep op de ouders kunnen doen.

Voor zover dit beroep niet mogelijk is, wordt voorzien in een recht op bijzondere bijstand.

Samen. Sterker. Verder

Als aanvullende bijzondere bijstand voor levensonderhoud wordt verleend omdat de jongere niet in staat is de ouderlijke onderhoudsplicht te effectueren, kan het college deze bijzondere bijstand op de ouders verhalen. De wettelijk grondslag voor het verlenen van bijzondere bijstand levensonderhoud aan jongeren is te vinden in artikel 12 Participatiewet. Met deze beleidsregels wil het college invulling geven aan de mogelijkheden die artikel 12 Participatiewet biedt om bijzondere bijstand levensonderhoud aan jongeren te verstrekken.

In dit artikel is een aantal begrippen gedefinieerd. Wanneer een begrip niet is gedefinieerd, dient te worden teruggevallen op hetgeen hieronder in de wet en de Algemene wet bestuursrecht wordt verstaan. Een verzoek om algemene bijstand wordt kenbaar gemaakt door een aanvraag in te dienen bij het UWV via werk.

Deze aanvraag wordt ter afhandeling overgedragen aan het college. Het is voor een jongere niet mogelijk om via het UWV bijzondere bijstand voor levensonderhoud voor jongeren aan te vragen. Over de afhandeling van de aanvraag om bijstand zal het college contact met de jongere hebben. Als uit deze contacten blijkt dat de jongere met de algemene bijstand en de bijdrage van zijn ouder s niet in zijn bestaan kan voorzien, kan hij om aanvullende bijzondere bijstand levensonderhoud vragen.

Dit behoeft niet per se schriftelijk te gebeuren. Hij kan een dergelijk verzoek mondeling kenbaar maken bij zijn casemanager. Deze kan dan een totaal beoordeling doen op het inkomen van de jongere en het recht op algemene bijstand levensonderhoud en bijzondere bijstand levensonderhoud beoordelen. In artikel 41, lid 4 van de wet is bepaald dat jongeren tot 27 jaar pas vier weken na de melding bij het UWV een aanvraag voor algemene bijstand kunnen indienen.

Dit protocol wordt ongewijzigd overgenomen. Daarmee wordt onder gebruikelijke zorg verstaan: de normale, dagelijkse zorg die partners of ouders en inwonende kinderen geacht worden elkaar onderling te bieden omdat ze als leefeenheid een gezamenlijk huishouden voeren en op die grond een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben voor het functioneren van dat huishouden.

Gebruikelijke zorg is ook alleen aan de orde als er een leefeenheid is die een gezamenlijk huishouden voert. Uitwonende kinderen vallen hier dus buiten. Gebruikelijk is niet vrijwillig. Wel kan er een aanleiding zijn om hulp bij het huishouden als gevraagde voorziening toe te kennen bij dreigende overbelasting van de partner, ouder s en inwonend kind eren van de zorgvrager.

Daarnaast wordt onder mantelzorg verstaan de zorg die niet gebruikelijk is, maar op vrijwillige basis gebeurt. Mantelzorg is zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, door personen uit diens directe omgeving waarbij de zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie.

Bijvoorbeeld een uitwonende dochter die regelmatig langskomt en van alles doet in het huishouden van de zorgvrager. Zodra die dochter aangeeft dat niet meer te willen doen, dan kan er recht op Huishoudelijke verzorging zijn, omdat dit vrijwillige zorg betreft.

Documenten nodig bij melding

Artikel 7 Vaststelling bedrag persoonsgebonden budget of financiële tegemoetkoming. In artikel 7, eerste lid, is geregeld hoe de financiële tegemoetkoming of het persoonsgebonden budget voor een woonvoorziening wordt vastgesteld. In deze offerte kan een aantal kosten teruggevonden worden. Te denken valt hierbij aan de kosten van bouw, maar ook aan eventuele kosten architect, kosten van vergunningen en kosten van toezicht.

Door uit te gaan van de kosten van de goedgekeurde offerte is het mogelijk per offerte andere kosten mee te nemen.

Rechten van de patiënt (WGBO)

Zo zullen toezichtkosten bij een kleine verbouwing geen rol spelen. Om welke kosten het zal kunnen gaan, zal verder worden uitgewerkt in beleidsregels Verstrekkingenboek. Bij een aantal voorzieningen wordt het bedrag verhoogd met een gemiddeld bedrag per jaar voor onderhoud en reparatie.

Artikel 7, tweede, derde, vierde, vijfde en zesde lid leggen vast welke bedragen verstrekt worden als het gaat om een verhuiskostenvergoeding, bij woningsanering, bij aanpassing van woonwagens en woonschepen, als tegemoetkoming in de kosten van tijdelijke huisvesting en als tegemoetkoming in de inrichtingskosten bij tijdelijke huisvesting.

Artikel 7, zevende lid, tenslotte geeft het afschrijvingsschema aan volgens welke bij verkoop binnen 7 jaar de gesubsidieerde aanpassingskosten aan het college moeten worden terugbetaald. Als de woningaanpassing een uitbreiding van een bestaande woning of het groter bouwen van een nieuwe woning betekent, wordt een financiële tegemoetkoming verleend in de kosten van het verwerven van extra grond die noodzakelijk is om de woningaanpassing te realiseren.

Uiteraard wordt er niets vergoed indien de extra te verwerven grond als tuin of iets dergelijks wordt benut. Alleen de grond die noodzakelijk is voor de woningaanpassing zelf kan worden vergoed, waarbij een maximum aantal m2 wordt gehanteerd voor de verschillende vertrekken. Indien blijkt dat een verhuiskostenvergoeding niet de meest adequate en zo goedkoop mogelijke oplossing is, kan een aanvrager, niet zijnde een mantelzorger, in aanmerking komen voor een woningaanpassing of een losse woonvoorziening van niet bouwkundige aard.

Indien voor een aanvrager, niet zijnde een mantelzorger, een afweging wordt gemaakt tussen verhuizen of aanpassen zijn de volgende concrete vragen van belang:. Verhuizing naar een geschikte woning wordt als niet-adequaat beschouwd indien als gevolg van de verhuizing de reeds aanwezige mantelzorg komt te vervallen. Met andere woorden de mantelzorg moet onomstotelijk verbonden zijn met de huidige woonsituatie. Hiervan is sprake indien:. Relevante zorg bestaat onder andere uit hulp bij transfers, aankleden, wassen, voeden etc.

Huishoudelijke taken, koken en het doen van boodschappen vallen niet onder mantelzorg. De aanvrager kan hiervoor een beroep doen op diverse hulporganisaties en diensten die niet gebonden zijn aan de huidige woonsituatie.

Er wordt geen rekening gehouden met het feit dat de aanvrager wellicht in de toekomst afhankelijk zal worden van mantelzorg.